ChristenUnie bijdrage 'Samenspel in het Sociaal Domein'

Gerdien Rots  Samenspel in het Social domein debat 20190318.jpgwoensdag 20 maart 2019

Maandagavond 18 maart debatteerde de Zwolse gemeenteraad over de nieuwe plannen van het college van B&W in de zorg. 
Hieronder staat de bijdrage die fractievoorzitter Gerdien Rots hield over het ‘samenspel in het sociaal domein’. 
Heb je opmerkingen, suggesties of wil je met ons in gesprek? Mail ons op info@christenuniezwolle.nl

Inleiding

We bespreken vanavond het Plan van Aanpak “Samenspel in het sociaal domein. Naar een sociale en zorgzame basis.” Ook aangeduid als het collectiviseringsplan. Dat laatste is een rare naam. Waar het om gaat is: samenspel creëren tussen welzijn en zorg, waarbij mensen indien mogelijk meer in groepen hulp en ondersteuning ontvangen, zodat het normale leven wordt hersteld. Voordat ik inga op dat plan, wil ik iets zeggen over de context waarbinnen dat plan is ontstaan" begon Gerdien Rots, haar bijdrage.

De zorg: groot goed en snelle groei

In Zwolle hebben we – net als in de rest van Nederland – hele goede zorg. Als iemand hulp nodig heeft, bijvoorbeeld omdat je partner dement wordt of omdat je met je handen in het haar zit over hoe je je kind met gedragsproblemen moet opvoeden of omdat je vastloopt in een reguliere baan, dan kun je bij instanties aankloppen en doorgaans word je dan door goed opgeleide professionals geholpen die hart hebben voor hun cliënten. We staan daar niet zo vaak bij stil, maar er zijn maar een handjevol andere landen waarin de zorg van zo hoog niveau en zo breed toegankelijk is. Dat is een groot goed. Een belangrijke verworvenheid van onze samenleving.

Met de toenemende vergrijzing zien we dat het aantal mensen dat een beroep doet op de zorg groeit. Bovendien zien we dat door onze complexe samenleving – waarin er ontzettend veel op mensen afkomt en we enorm hoge eisen stellen aan onszelf en elkaar – de behoefte aan hulp en ondersteuning steeds vroeger ontstaat. Denk bijvoorbeeld aan het toenemend aantal studenten met een burn-out. Dus de vraag naar zorg en ondersteuning groeit.

Vragen voor de toekomst van de zorg

We hebben, kortom, een hoge zorg-standaard (wat goud is!) en we hebben steeds meer mensen die een beroep op de zorg doen. En die twee samen plaatsen ons voor een viertal kernvragen:

-          Hoe houden we die goede zorg in stand, ook als er steeds meer zorgbehoeftigen komen?

-          Hoe komen we, in tijden van een krappe arbeidsmarkt, aan mensen die zorg verlenen?

-          Hoe zorgen we ervoor dat we dit als samenleving kunnen blijven bekostigen?

-          Welke verbeteringen zijn er nodig om knelpunten (die er nu natuurlijk ook zijn) op te lossen? 

Dit is, in a nutshell, één van de belangrijkste opgaven waar we als maatschappij voor staan anno 2019. Hoe wij nú omgaan met deze opgave, is bepalend voor de zorg over pak ‘em beet 20 jaar. Lukt het ons om onze hoge standaard te handhaven, zodat onze kinderen ook de zorg krijgen die ze nodig hebben? Lukt het ons om het werk zo te organiseren dat we voldoende professionals hebben en dat we het kunnen blijven betalen? Zijn we in staat om te verbeteren, zodat onze kinderen niet tegen dezelfde problemen aanlopen als wij? En: gaat het ons lukken om win-win-situaties te creëren, waarbij we én betere zorg verlenen én kosten besparen?

Het eerlijke debat

Dat is het debat dat wij hier moeten voeren. Dat is ook het publiek-maatschappelijke debat waar de Participatieraad terecht toe oproept. Dat debat moeten we op een eerlijke manier doen. En dat betekent dat we de kansen van verbeteringen benoemen, maar ook de pijn van kostenbesparingen onder ogen moeten komen. Met de Participatieraad zien wij een belangrijke rol voor het college om dat eerlijke debat méér aan te jagen en te faciliteren. En tegelijkertijd wil ik niet onbenoemd laten onze eigen verantwoordelijkheid die wij als raadsfracties hebben om in onze politieke uitingen via advertenties en YouTube-filmpjes het eerlijke en serieuze verhaal te vertellen zonder angst en onderbuikgevoelens aan te wakkeren, terwijl u weet dat hier in huis met de goede intenties en grote zorg voor onze zorgbehoevende Zwollenaren gewerkt wordt.

Interventies in het sociaal domein: nood en deugd

Vorig jaar mei stelden we met elkaar het Interventieplan Sociaal Domein vast. Dat interventieplan was nodig omdat we forse tekorten hebben, ofwel: we geven in Zwolle meer uit aan de zorg dan we begroot hebben. Dat doen we omdat we willen dat elke Zwollenaar de zorg krijgt die hij of zij nodig heeft. Dat is een belangrijke waarde die als een paal boven water staat. Maar om dat de komende jaren te kunnen blijven volhouden, móeten we de tekorten terug dringen. Dat is het eerlijke verhaal. En de urgentie daarvan werd van ’t weekend nog weer duidelijk als er inderdaad straks ook nog eens minder geld van het Rijk komt voor Beschermd Wonen en Maatschappelijke Opvang. Daar moeten we het Rijk op andere gedachten zien te brengen.

En tegelijkertijd is het eerlijke verhaal dat we met z’n allen wat gaan merken van de veranderingen in de zorg. Dat doen we om het op de lange termijn beter te maken. De ChristenUnie wil dat we de zorg beter laten aansluiten op de vraag van de cliënt, dat we het netwerk van de zorgvrager beter betrekken en dat we meer vorm geven aan onze sociale betrokkenheid als mensen onderling.  

Het samenspel-plan

Het Plan van Aanpak “Samenspel in het sociaal domein. Naar een sociale en zorgzame basis.” (wij noemen het het samenspel-plan) is onderdeel van de interventies in het sociaal domein.

De ChristenUnie onderschrijft de uitgangspunten van dit plan. Kortgezegd is dat: (i) het versterken van de samenleving, van buurten en wijken waarin mensen betrokken zijn op elkaar, (ii) het combineren van welzijn en zorg en (iii) het groepsgewijs aanbieden van hulp en ondersteuning, als dat kan.

De mooiste zin uit dit plan is wat ons betreft: “Wij zien onze inwoners als betekenismakers.” Dat is precies hoe de ChristenUnie kijkt naar mensen. Als betekenismakers. Als mensen die van betekenis kunnen zijn voor elkaar en voor de wereld waarop we leven. Het is voor de gemeente nu de kunst om een delicate balans te vinden tussen het aanjagen en faciliteren van inwoners om van betekenis te kunnen zijn voor elkaar en tegelijkertijd het vangnet zijn voor iedereen die professionele zorg nodig heeft. En dan kom ik van zelf bij de aandachtspunten die de ChristenUnie heeft bij dit plan:

Maak duidelijk voor wie dit plan niet is bedoeld

De zorg is een teer onderwerp. Mensen die hulp en ondersteuning ontvangen, zijn voor dat onderdeel van hun leven afhankelijk van de gemeente. Dat brengt een kwetsbaarheid met zich mee. De ChristenUnie wil dat we daarom zorgvuldig omgaan met onze zorgontvangers. Groepsgewijs aanbieden van zorg kan voor veel mensen meerwaarde hebben. We denken aan mensen die samen een maaltijd bereiden en nuttigen of aan gezamenlijke sollicitatietrainingen. Kan dat overal? Nee! Dat kan vooral in het voorveld, maatschappelijke participatie, lichte vormen van zorg. Dus maak duidelijk voor welke zorgontvangers dit niet opgaat. Chronisch zieken en gehandicapten kunnen we beter ontlasten door (daar waar dat verantwoord is) af te stappen van de jaarlijkse herindicering.

 Mantelzorgers en vrijwilligers als volwaardige partner aan tafel

Als wij de beweging naar voren willen maken dan wordt de rol van mantelzorgers en vrijwilligers belangrijker. De ChristenUnie heeft er vanaf het begin van de decentralisatie voor gepleit om vrijwilligers en mantelzorgers te betrekken. Dat doen we nu opnieuw, met twee aandachtspunten:

(i)      Zorg ervoor dat we mensen niet overvragen. Dus blijf oog houden voor de draagkracht van vrijwilligers en mantelzorgers en zorg voor voldoende steun en respijtzorg.

(ii)    Zie de mantelzorgers en vrijwilligers als volwaardige partners in dit proces. Dus laat ze meepraten. Stichting Present deed vorige week nog maar weer eens die oproep. De mantelzorgadviesraad zegt dit ook. Benut hun kennis en expertise, bijvoorbeeld in het interdisciplinaire overleg binnen de sociaal wijkteams.

Samenspraak met en gelijke kansen voor de aanbieders uit de stad

Als wij de aanbieders in de welzijnssector en de zorg meer willen laten samenwerken, dan moeten wij die organisaties inspraak en gelijke kansen geven in de stad. “Maak er geen reorganisatie van het voorveld van, erken de eigen dynamiek van de sociale basis, het initiatief komt uit de inwoner, dat moet je niet teveel willen sturen.” Dat onderschrijft de ChristenUnie volledig. Toch ontvangen wij bezorgde berichten van meerdere organisaties uit de stad dat er een soort centrale toegang is/wordt gevormd waarbij SamenZwolle en TIEM de centrale positie krijgen waarnaar het SWT doorverwijst en waarvan andere aanbieders afhankelijk worden. Dat vinden wij een onwenselijke situatie. De ChristenUnie wil dat we benutten wat er allemaal al is in de stad. Creëer niet een nieuwe topdown-structuur, maar stimuleer samenspraak en onderlinge samenwerking. Elk initiatief uit de stad verdient gelijke kansen, zonder afhankelijk te worden van een andere organisatie. Graag horen wij van de wethouder of hij deze signalen herkent en wat hij hiermee gaat doen?

Wij geven het college het volgende mee:

(i)     Benut de kennis, ervaring en expertise van aanbieders in de stad. Laat hen meepraten en meebouwen aan het nieuwe samenspel. Creëer mede-eigenaarschap.

(ii)    Samenspel tussen welzijn en zorg vraagt om interprofessioneel werken. Dat is een competentie die de hulpverleners van nu nauwelijks meekrijgen op hun opleiding. Het vraagt dus om een cultuurverandering. Dat proces moet worden begeleid.

(iii)  Samenspel vraagt om vertrouwen, transparantie, delen. Dat is wat aanbieders nodig hebben van de gemeente. Dat is ook wat aanbieders elkaar onderling moeten geven. Bouw daarom prikkels in de financieringsstructuur die dát bevorderen.

Keuzevrijheid

Het voorgaande hangt samen met ons pleidooi voor keuzevrijheid van cliënten. De klik tussen zorgontvanger en zorgbieder is essentieel. Om van betekenis te kunnen zijn voor elkaar moet je je veilig en thuis voelen bij elkaar. Daarom vinden wij het van belang dat in de nieuwe werkwijze er altijd ruimte is voor eigen keuze. Kan het college toezeggen dat we wat dat betreft altijd rekening houden met de wensen en behoeften van onze zorgbehoeftige Zwollenaren? Hoe voorkomen we dat door de veranderende werkwijze mensen tegen hun wil gedwongen worden om over te stappen naar een nieuwe aanbieder? Op welke manier garandeert het college dat een PGB altijd een optie blijft?

Welke investeringen zijn nodig?

Het groepsgewijs, collectief, aanbieden van lichte vormen van zorg en dagbesteding helpt ons om cliënten zoveel mogelijk te laten deelnemen aan ‘het normale leven’. Tegelijkertijd verwachten we dat hiermee kosten kunnen worden bespaard. Van 5 ton in het eerste jaar oplopend naar 2 miljoen over 4 jaar. Dat is belangrijk voor het toekomstbestendig maken van de zorg. We vragen de wethouder of hij er ook rekening mee houdt dat deze verandering geld kan kosten? Welke investeringen voorziet het college? Doen we genoeg aan opbouwwerk? Zijn we voldoende in staat om initiatieven voor buurtkamers, gezamenlijke keukens en dergelijke financieel te ondersteunen? En is er voldoende financiële ruimte om innovatie te stimuleren?

Verdere proces

De ChristenUnie vindt  het wenselijk dat we met de stad (dus met cliënten, aanbieders, werkers uit de welzijns- en zorgsector en beleidsmakers ) een voortgaand gesprek voeren over de uitdagingen van het sociaal domein voor de komende jaren en de stappen die we daar nu voor zetten. Naar voorbeeld van de Spoorcafé’s in de Spoorzone zou een stadsgesprek over de transformatie van zorg en welzijn op gang kunnen worden gebracht.

Ook denken we dat onderzoek nodig is naar of de nieuwe manieren van samenspel tussen welzijn en zorg ons nu brengen wat we ervan verwachten en hopen. Onze hogescholen Windesheim en Viaa kunnen met hun lectoraten hierbij van dienst zijn.

Tot slot

De bovengenoemde aandachtspunten in acht nemend, onderschrijft de ChristenUnie de koers die het college met dit samenspel-plan uitstippelt. Als het ons lukt om deze ontwikkelingen zorgvuldig en in gezamenlijkheid vorm te geven, dan verwacht de ChristenUnie dat we er als samenleving sterker van worden. Sterker, omdat we werken aan het verbeteren, betaalbaar houden en toekomstbestendig maken van de zorg. Dat vraagt soms offers, maar als we die in gezamenlijkheid dragen, dan worden we daar sterker van. Sterker, omdat we mensen de ruimte geven om werkelijk van betekenis te zijn voor elkaar. En dat is goud!

Labels
Zorg, Welzijn & Sport

« Terug